Tijdens één van mijn toevallige bezoeken in april in de Babbelbeekse Beemden stond ik vol verbazing te kijken. Eigenlijk ging ik gewoon in het opgeschoonde slootje zien hoe de waterviolier het deed, toen plots iets anders mijn aandacht trok even verderop. Tussen de opgroeiende vegetatie zag ik immers enkele opvallende witte klokjes. Ik dacht even dat ik een fata morgana gezien had, maar zelfs na het schudden met mijn hoofd bleven de klokjes in mijn
gezichtsveld. Meer zelfs enkele meters verder merkte ik nog meer van die witte klokjes op. Dat kon dus maar 1 ding zijn: het zomerklokje. Nader onderzoek vlakbij de plant bevestigde deze analyse. Sinds dit jaar is de Babbelbeekse Beemden een soort rijker (dankzij het gevoerde maaibeheer???) en wat voor één!
Zomerklokje Leucojus aestivum
Wat uitleg over het zomerklokje.
Het zomerklokje lijkt op een sneeuwklokje. Ze behoort tot dezelfde familie maar is duidelijk groter en groeit alleen in moerasgebieden, vaak graslanden die onderhevig zijn aan rivierritmes. Het is een totaal beschermde plant in Vlaanderen en uiterst zeldzaam. Het zomerklokje komt in Vlaanderen enkel nog voor in het gebied van de (Kleine) Nete en aan de Leie in Kortrijk. We kennen het zomerklokje vooral als één van de eerder zeldzame planten die nog vrij talrijk voorkomen in de Natuurpuntreservaten in beheer van onze buurafdeling De Wielewaal, namelijk “De Steenbeemden” en hoe kan het ook anders “Het Zomerklokje” in Kessel en Emblem.
Dat het zomerklokje nu opduikt in de Babbelbeekse Beemden is eigenaardig maar niet geheel onmogelijk. Mogelijk komen of zijn er meer zomerklokjes.
Vroeger stond het perceel waar nu de zomerklokjes staan vol liesgras. Het loof van een zomerklokje is zeker in een liesgrasvegetatie lastig te onderscheiden. Het zou dus best kunnen dat het er al even staat zonder ooit gebloeid te
hebben.
Bovendien vertelt de aanwezigheid van het pijptorkruid ons dat in een ver verleden de Nete tot in de Babbelbeekse Beemden zijn invloed had. Wat ook de reden is, we zijn natuurlijk erg blij met deze soort! Het motiveert ons alvast
het beheer dat we nu voeren verder te zetten (maaien in oktober met afvoer) en bewijst dat dit natuurgebied en de vallei van de Babelse Beek nog heel wat mogelijkheden heeft naar herstel van de natuurwaarden in deze vallei.
Het huidige beheer heeft immers voor een duidelijke afname gezorgd van vooral liesgras en iets in mindere mate rietgras. Vooral de toename van moeras- en zomp-vergeet-mij-nietjes, veldlathyrus, tweerijïge zegge, blaaszegge,
zeegroene muur is een positief teken.
Om alle deze vegetaties in stand te houden en te herstellen moet er jaarlijks gemaaid worden, op sommige percelen zelfs twee keer. Vanaf 21 juli, op de nationale feestdag, beginnen de maaiwerken in de Babbelbeekse Beemden (zie
activiteitenkalender) en wordt de omgeving van dit stille natuurgebied even opgeschrikt door het lawaai van bosmaaiers en maaibalken.
Interesse om mee te helpen bel even de conservators of kom gewoon af op de aangekondigde dagen, maar er wordt zeker meer gewerkt dan alleen dan.
Johan
 |